Gevolgen wetgeving Werk en Zekerheid in 2015

Gevolgen wetgeving Werk en Zekerheid in 2015

In 2014 zijn er een aantal wetswijzigingen aangenomen met als doel dat de arbeidsmarkt beter gaat functioneren en werken meer gaat lonen. Hieronder ga ik in op een aantal zaken die voor werkgevers van belang zijn. Het is een samenvatting van de belangrijkste punten. Wilt u meer weten over een bepaald onderwerp of regeling stuur uw vraag hier

Veranderingen per 1 januari 2015

Concurrentiebeding
Het is niet langer toegestaan om een concurrentiebeding op te nemen in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd. Dat wil zeggen, tenzij sprake is van een ‘zwaarwichtig bedrijfs- of dienstbelang’.

Aanzegtermijn
Er geldt een aanzegtermijn van een maand bij tijdelijke contracten. Bij contracten voor een bepaalde tijd van zes maanden of langer moet de werkgever uiterlijk een maand voor het einde van het contract schriftelijk aan de werknemer laten weten of hij het contract wel of niet verlengt. Als de werkgever dit verzuimt, betaalt hij een vergoeding ter hoogte van één maandloon.

Proeftijd
Een proeftijd bij een tijdelijk contract van ten hoogste een half jaar wordt verboden. Hiermee wil het kabinet de positie van tijdelijke krachten versterken.

Doorbetalen oproepkrachten
Nu geldt nog zo dat je flexwerkers, bij  onvoldoende werk,  de eerste zes maanden niet hoeft door te betalen en dat deze periode in de cao onbeperkt verlengd worden.Vanaf 1 januari mag dat nog alleen bij werkzaamheden die incidenteel van aard zijn en geen vaste omvang kennen. In de zorg worden nul-urencontracten helemaal verboden.

Veranderingen per 1 juli 2015

Ketenbepaling
Flexwerkers krijgen bij hun vierde arbeidsovereenkomst of na twee jaar (nu drie jaar) diensttijd verplicht een vast contract. In de huidige situatie begint de ketenbepaling na drie maanden uitdiensttreding weer opnieuw. Met de WWZ wordt dit verlengd naar zes maanden.

Ontslag via UWV
Nu kan een werkgever een ontslag nog laten toetsen bij de kantonrechter. Vanaf 1 juli 2015 kan dat alleen nog bij ontslag op grond van disfunctioneren of andere redenen gelegen in de persoon van de werknemer. Ontslag op grond van bedrijfseconomische verloopt standaard via het UWV Werkbedrijf.

Transitievergoeding
De ontslagvergoeding wordt vervangen door een transitievergoeding. Werknemers met een contract van tenminste 24 maanden hebben recht op een transitievergoeding van maximaal 75.000 euro, afhankelijk van de lengte van hun dienstverband.

Veranderingen per 1 januari 2016

Verkorting WW-duur
De WW-duur wordt vanaf 2016 in stapjes afgebouwd. Dit gebeurt met 1 maand per kwartaal. Vanaf 2019 is de maximale publieke  WW-uitkering dan nog maximaal 2 jaar. De hoogte van de WW-uitkering in deze periode is gekoppeld aan het laatstverdiende loon.

Bron: rijksoverheid